Doctoraatsverdediging Philip Meersman
The Immersive Performance of Visual Poetry
Verdediging van het doctoraatsonderzoek ‘The Immersive Performance of Visual Poetry’, uitgevoerd door Philip Meersman tussen 2017 en 2026 aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten Antwerpen (AP Hogeschool) - binnen de onderzoeksgroep ArchiVolt - en UAntwerpen (ARIA).
Promotors: Johan Pas (Academie) en Kevin Absillis (UAntwerpen)
| PROGRAMMA WOENSDAG 25 FEBRUARI 2026 in het Planetarium van de Koninklijke Sterrenwacht van België | |
| 10:00-10:30 | Deuren open |
| 10:30-11:15 | Performance door Philip Meersman - in de Koepelzaal |
| 11:30-14:00 | PUBLIEKE VERDEDIGING - in het Auditorium Jury: Annick Schramme, Kurt Vanhoutte, Johan Pas, Kevin Absillis, Maja Jantar en Carmien Michels |
Dit doctoraat onderzoekt hoe poëzie transformeert wanneer zij de pagina verlaat en zich ontvouwt binnen immersieve, ruimtelijke en performatieve omgevingen. Vertrekkend vanuit zijn artistieke praktijk, ontwikkelt Philip Meersman een geïntegreerd theoretisch en praktijkgericht kader waarin poëzie wordt opgevat als een polyfone, multisensorische en ruimtelijke kunstvorm. Het onderzoek herdefinieert poëzie als een partituur bestaande uit een vijfvoudige modaliteit—geschreven, orale, gelezen, aurale en performatieve—die gelijktijdig en in onderlinge wisselwerking functioneert binnen gedeelde ruimtes van perceptie en aandacht.
Het centrale essay articuleert deze poëtica aan de hand van inzichten uit de visuele poëzie, performance studies, semiotiek, narratologie en neuro-esthetica. Daarbij wordt bijzondere aandacht besteed aan co-speech gestures, visuele prosodie, typografische ruimte, temporaliteit en collectieve receptie. Planetaria worden beschouwd als een uitermate geschikte context voor literaire immersie, gezien hun schaal, gedeelde lichamelijke aanwezigheid en cognitieve focus, in contrast met individuele headset-gebaseerde virtual reality.
Het poëzieboek Oceanus Refertus: Microplastic: Paradise on a Slip of Paper vormt het poëtische luik van het essay. In dit volume worden de theoretische uitgangspunten performatief belichaamd in een polyfonisch, ecologisch en ruimtelijk gestructureerd corpus, waarin taal, herinnering, mobiliteit en milieubewustzijn samenkomen. Het oorspronkelijke booklet—intussen getransformeerd tot poster—functioneert als een visueel-performatieve interface die tekst, ruimte en publiek met elkaar verbindt.
Samen tonen essay, boek en poster hoe poëzie kan functioneren als een belichaamde, collectieve en kritisch-reflectieve praktijk binnen een post-truth context. Het onderzoek positioneert poëzie niet louter als tekstueel object, maar als een ruimtelijke gebeurtenis waarin lichaam, taal, beeld en technologie gezamenlijk betekenis produceren.