Het onderzoeksproject beoogt de verborgen infrastructuren te onderzoeken die hedendaagse systemen voor artificiële intelligentie in stand houden, met bijzondere aandacht voor de materiële, menselijke en geografische realiteiten achter technologieën die vaak worden voorgesteld als immaterieel of autonoom. In plaats van AI te benaderen als een louter technische innovatie, beschouwt het project deze als onderdeel van een mondiale assemblagelijn waarin energieverbruik, grondstoffenwinning, dataverwerking en geautomatiseerde besluitvorming met elkaar verbonden zijn.
Het project richt zich op twee onderling verbonden locaties binnen dit systeem. De eerste is de Filipijnen, die zijn uitgegroeid tot een wereldwijd knooppunt voor data-annotatie, waar werknemers via repetitieve en grotendeels onzichtbare arbeid bijdragen aan het trainen van AI-systemen. De tweede is Palantir, een bedrijf waarvan AI-toepassingen door overheden en instellingen worden ingezet om besluitvorming te automatiseren en te voorspellen. Hoewel deze posities op het eerste gezicht ver van elkaar verwijderd lijken, beschouwt het onderzoek ze als structureel met elkaar verbonden binnen dezelfde technologische economie.
Aan de hand van geplande veldbezoeken, interviews en opnames ter plaatse, onder meer in Manilla en Denver, beoogt het project AI-technologieën te verbinden met de fysieke locaties en mensen die deze mogelijk maken. Video-, geluids- en ruimtelijke registratiemethoden worden onderzocht, evenals experimentele toepassingen van door AI gegenereerd beeldmateriaal, om te analyseren hoe arbeid, infrastructuur en macht hun sporen nalaten binnen deze data-economie.
Het project zal leiden tot de ontwikkeling van artistieke methoden en installatievormen die deze vraagstukken in de publieke ruimte kunnen brengen. In plaats van te streven naar vastomlijnde resultaten blijft het project open, waarbij de vormen en uitkomsten zich kunnen ontwikkelen in wisselwerking met het onderzoeksproces zelf.
(Image: Courtesy of Emmanuel Van der Auwera)