Overslaan en naar de inhoud gaan
  • Home
  • Onderzoek
  • Lichamelijkheid in het naoorlogse repertoire voor solo gitaar

Lichamelijkheid in het naoorlogse repertoire voor solo gitaar

Dit onderzoeksproject handelt over de integratie van lichamelijkheid in hedendaagse gecomponeerde muziek voor solo gitaar, en hoe dit in relatie wordt gebracht met de uitvoeringspraktijk. Naar analogie met het onderzoek van Paul Craenen zal dit onderzoek een neergeschreven reflectie zijn van het potentieel en de waarde van lichamelijkheid in de naoorlogse muziekpraktijk. Craenens onderzoek is echter gebaseerd op het gebruik van lichamelijkheid vanuit het perspectief van de componist. Zijn proefschrift legt op een systematische manier de verschillende conceptuele denkpistes bloot die alom tegenwoordig zijn in hedendaagse muziek. Omwille van het zeer theoretische karakter blijft de praktische invulling van de uitvoerder onbesproken.

Dit onderzoek onderscheidt zich in twee essentiële dingen van Craenens onderzoek, namelijk de toespitsing op een solistisch instrument, en het redeneren vanuit het perspectief van de gitarist-uitvoerder. Dit onderzoeksproject wil blootleggen hoe de gitarist-uitvoerder op een historische geïnformeerde, esthetisch verantwoorde manier lichamelijkheid als parameter kan inzetten bij de uitvoeringspraktijk van naoorlogse muziek. Hierbij wordt enkel het begrippenkader van Craenen geïntegreerd, zodat er geen dubbel onderzoek zal plaatsvinden. Er kan wel een instrumentaal-technische en –historische verruiming van het onderwerp ontstaan.
Kortom, hoe kan de gitarist-uitvoerder omgaan met de geïmpliceerde lichamelijkheid in het naoorlogse repertoire op een manier die zowel historisch geïnformeerd, als uitvoeringspraktisch relevant is?

Promotor: Yves Senden

ONDERZOEKER(S)